Voordat we afgelopen woensdag Saigon verlieten, zijn we eerst nog twee dagen rond Saigon wezen rondwandelen. We hebben daar een hoop geleerd en gezien. Daarna vertrokken we voor een 3-daagse boottocht naar Cambodja. Over de Mekong-rivier.. vol met uitzichten op de lokale bevolking. Lees in deze post onze belevenissen..

Na de vorige post van Barbara, zijn we de zondag (de volgende dag) naar het War Crimes Museum in Saigon geweest. Een museum om stil van te worden. Het museum bestaat uit enkele wapens en voertuigen die de Amerikanen gebruikten tijdens de oorlog. Maar bovenal hangt het museum vol met fotos en getuigenverklaringen van burgers. Naast de fotos van mensen en soldaten in nood hingen er ook foto’s van massamoorden en ernstig verminkte mensen. Door landmijnen, Agent Orange of andere oorlog-gerelateerde narigheid. Ik was zelf erg verbaasd dat een Amerikaan die opdracht gaf tot het vermoorden van 20 burgers (waaronder zwangere vrouwen en kinderen) later een senator werd. De burgers werden afgeslacht met messen en doodgeslagen met geweren. Verder was er in het museum ook te zien hoe de Vietnamese overheid hun ongehoorzame burgers strafte. De fotos die bij dit bericht staan laten zien hoe deze mensen gevangen werden gehouden.

Om maar in de sfeer van doodslag en oorlog te blijven besloten we twee dagen later naar de Cu Chi Tunnels te gaan. We gingen heen met de boot, dus onderweg hadden we een mooi voorproefje van wat we de volgende dag gingen meemaken op onze reis naar Pnom Penh. De Mekong-rivier waar we overheen voeren word door de lokale bevolking gebruikt als bad, riool en voedingsbron.

Maar verder met de Cu Chi Tunnels. Toen we aankwamen bij deze toeristische trekpleister kregen we eerst een propaganda-film te zien over de omgeving van Cu Chi en de mensen die er streden. In de film zagen we verschillende vrouwen en mannen die overdag boer waren, maar ’s avonds Amerikanen vermoorden. Hiermee verdienden zij titels als: “American Killer No 1” of “Killer Hero“. Het was wel duidelijk dat de oorlog hier van een kant belicht werd. Na de film gingen we naar de eerste tunnel, waarvan de ingang 30X40 cm. was. Wonderbaarlijk genoeg paste ik er gewoon doorheen kroop ik de door de gang 10 meter verderop. Ik ben niet gauw bang, maar het complete ontbreken van licht, de hitte en benauwdheid van de aarde, en vooral de vleermuizen die vlak langs je schieten in een gang waar je niet eens op handen en voeten goed doorheen past, waren toch een ervaring apart.

Hierna werden we verde rondgeleid over het terrein, waar we een verstopte luchtgang zagen, en uitleg kregen bij de verschillende manieren waarop de Amerikanen verwond en gedood werden door de Vietcong. Erg interresant om de vindingrijkheid van de VC te zien. En voor de Amerikanen moet het echt een hel zijn geweest. Na een lunch met ijs, en gelegen naast een schietbaan (Je zou toch denken dat ze daar wel genoeg schoten gehoord hebben) waar je voor een dollar per kogel kon schieten met allerhande grote wapens, vertrokken we naar de tweede tunnel. Deze tunnel was wat toegangkelijker gemaakt voor de dikkere toerist met een hoger plafond en licht onderweg. We hebben 80 meter gedaan, toen kwamen we onder het stof en zweet weer aan de oppervlakte. De gids vertelde ons dat de Vietcong soms wel 6 maanden in de tunnels leefde, en dat sommige tunnels 5 kilometer lang waren.. Werkelijk ongelovelijk. Geen andere woorden voor.

En toen was het woensdag, een van onze laatste dagen in Vietnam. We vertrokken om een schreeuwend vroege 07.15 met de bus naar de boot, alwaar we 3 uur lang heerlijk over de Mekong toerden, genietend van het uitzicht. De eerste dag sliepen we bij de mensen thuis, alwaar we zelf moesten koken. Tijdens dit verblijf leerden we Noel Olive kennen, een schrijver die de wereld rondreisde voor de afgelopen 7 maanden. Een aardige man, waarmee we in Pnom Penh nog mee uit eten zijn geweest. Het koken was gemakkelijk, we hoefden alleen maar te snijden en te rollen (springrolls, een soort loempia’s) en Barbara kreeg de gelukkige taak om het vuur aan te maken. Met haar vuurtechnische achtergrond een echte klus voor haar. We sliepen al om 22:00, omdat we moe waren van de reis en we er om 07:00 weer uit moesten.

De volgende dag stond in het teken van de Mekong Delta en haar lokale bevolking. We hebben veel dorpjes bezocht, een drijvende markt gezien en een fietstocht gedaan. Deze fietstocht was erg mooi, voor de kenners.. net als Co van Kessel met zijn tours, door de dorpjes langs het water. Onfortuinelijk voor Noel moest hij uitwijken voor een brommer en reed hij de weg af. Dat was niet zijn laatste ongeluk die dag. Na het fietsen gingen we lunchen en even uitrusten in de hangmat. Plots hoorde we een klap en toen lag Noel op de grond met een flinke schaafwond op zijn arm. Het zat hem niet mee. Gedurende de gehele dag hebben we gevaren, maar de laatste boot waar we op uitkwamen was wel de grootste. Maar hier sliepen we dan ook op. Toen de avond viel en we net klaar waren met eten, ontdekte Barbara dat we niet de enige waren die wilden slapen.. Haar gehele kussen zat vol met beestjes, en de muggen bereiden zich voor op een nachtelijk feestmaal. Met de hulp van ouderwetse chemicalien en een behulpzame Nieuw-Zeelandse konden we toch redelijk mugvrij slapen. Na deze operatie gingen we nog even van de avond genieten op het bovendek. Daar zaten wat meer Nederlanders en we kregen onaangekondigd bezoek van een grote bidsprinkhaan. Ik heb een mooi plaatje gemaakt met deze groene indringer. Zo groot vind je ze niet in Nederland. Vlak voordat we naar bed gingen voerden we nog op een zandbank, dus het vertrouwen in de kapitein was niet echt groot meer. Toch waren we de volgende dag op de plaats van bestemming.

De volgende dag, het was 21 december, hadden we de langste dag van deze reis. Om 05:30 (ja, dat is HALF ZES)  stonden we op om de zonsopgang te zien en het opbouwen van de drijvende markt mee te maken. Jammer genoeg was het mistig en kwam de zon niet echt mooi op. Een gemiste kans die we misschien nog kunnen goedmaken in Angkor Wat. Op deze boot hebben we ontbeten en zijn toen naar een Cham-dorp gegaan.. een minderheid in de Mekong-Delta die strikt Islamitisch leeft. Het was grappig om te horen dat de mannen in dit dorp 4 vrouwen mochten hebben, en de vrouwen alleen mogen trouwen met Moslims. Zo kennen we de Islam weer..:) Na het bezoek aan dit dorpje (met een eigen moskee) voerden we door naar de grens met Cambodja. Het was ondertussen 11.15 toen we waren aangekomen bij de grens, en om 17.00 zouden we in Pnom Penh aankomen. Ik kon niet geloven dat we zo lang gingen doen over zo’n kort stuk. Ik zat er weer eens naast.. natuurlijk duurde het tot 17:20 voordat we er waren. Om de grens over te komen moesten we eerst een visum hebben, en Vietnam zien uit te komen. Dit duurde al met al bijna anderhalf uur, en ondertussen aten wij onze lunch. En wat meer. Na 2 uur vertrok de boot van de Cambodjiaanse grens over het water naar Phnom Penh. Ik keek mijn ogen uit naar de enthousiaste kinderen die allemaal stonden te zwaaien aan de waterkant. In Vietnam was dat toch wel minder. Als laatste deel van de reis kregen we het toetje.. Met 11 mensen en bagage in een busje waar je in Nederland 8 mensen net aan in krijgt. Zonder bagage. De rit naar Phnom Penh was een kruising tussen een zelfmoordactie met 11 man, en een ritje in een achtbaan. We waren blij dat we levend en wel het hotel gehaald hadden.

Vandaag hebben we uitgeslapen en gaan we Phnom Penh verkennen. Het weer is in ieder geval met een windje.. wat beter dan in Saigon. Met de kerst weten we nog niet waar we zitten.. dat zoeken we vandaag uit. Tot de volgende post en blijf reageren !!