De afgelopen week hebben we weer een heleboel meegemaakt. Eerst Phnom Penh verkent, daarna voor de kerst naar een luxe bungalow park in de natuur dicht bij het strand, waar ik helaas niet geheel van kon genieten. En nu zitten we weer in Phnom Penh om een visa voor Laos te regelen. Maar laten we bij het begin beginnen.

In Phnom Penh zijn we naar het naar het Royal Palace geweest, die is gigantisch groot en bestaat uit verschillende gebouwen die voor een deel ook door het koningshuis gebruikt wordt, maar het andere deel kan je als toerist bezoeken. Wat we al eerder hebben gezien is dat ze hier erg veel van goud en felle kleuren houden, alles is groot en overdreven. Niet echt mijn stijl, maarja het is hier erg belangrijk dat je laat zien dat je rijk bent.

Daarna vond ik het wel weer genoeg cultureels voor zo’n warme dag, dus toen zijn we aan het rivier op een terrasje wat gaan drinken. Die avond zijn we bij Friends gaan eten. Friends is een organistatie die staatkinderen van straat haalt en ze daarna een beroep leren. Zo hebben ze bijvoorbeeld dus ook een restaurant waar wij gegeten hebben. Er werken daar een heleboel mensen allemaal met een t-shirt aan met “Student” of “Teacher” erop gedrukt. Het was erg leuk te zien hoe deze mensen (Allemaal tussen de 14 en 18 jaar) echt duidelijk hun best deden en alle kans pakte om wat te leren. We werden daar ook perfect bedient, de mensen daar leren echt op hoog niveau te werken. Veel van deze kinderen werken na deze opleiding ook bij de goede restaurants en hotels. We hebben heerlijk gegeten en was weer een erg leuke manier om wat goeds te doen voor de mensen hier.

De volgende dag was het voor ons een dagje oorlog. In Vietnam hadden waren we al naar een museum een naar de Chu Chi tunnels gegaan en vond ik het daarna eigenlijk wel genoeg ellende en had ik de boodschap wel al begrepen dat oorlog slecht is. Maar met de duistere verleden van Cambodja moet je in Phnom Pehn eigenlijk ook het oorlog museum en de Killing fields bekijken. Dus dat hebben we ook gedaan. Eerst maar een brommertje gehuurd om overal makkelijk te komen en toen naar het museum.

Het Tuol Sleng museum was oorspronkelijk een middelbare school. Maar de Rode Khmer heeft daar een gevangenis van gemaakt. Hier werd iedereen opgesloten die ze verdachte tegen de Rode Khmer te zijn, buitenlanders, journalisten, doctoren, studenten, proffesors en iedereen anders met een opleiding (en vaak ook hun hele famile). Want de Rode Khmer wou weer terug naar de stenen tijdperk. En iedereen die niet in dat plaatje paste moest gemarteld en vermoord worden. In deze gevangenis kon je zien in wat voor slechte omstandigheden de mensen opgesloten werden en hoe de ondervragingen te werk gingen. Ook waren en kamers vol men foto’s van de mensen die hier vast zaten en vermoord waren. Van kinderen tot zwangere vrouwen tot oude opa’s. Zo leerden we hier bijvoorbeeld dat de Rode Khmer kinderen selecteerde die al op een jonge leeftijd naar de gevangenis gestuurd werden om het beroep van martelaar te leren. Zodra ze na lange, erg onaangename ondervragingen, alle informatie hadden die ze uit een gevangene konden krijgen werden ze naar de Killing fields gestuurd om vermoord te worden. Dit was voor ons ook onze tweede stop. Hier werden de mensen gelijk nadat ze uit de bus stapte naar de massa graven gestuurd en vermoord, soms wel meer dan 200 mensen per dag. Na het vele martelen in het gevangenis gunde ze de mensen hier ook vaak geen snelle dood. Het plaatsje zelf ziet er zo vredig uit, groene gras, koeien die grazen uitzicht op rijstvelden, maar als je het van dichtbij bekijkt zie je opeens allemaal massa graven. En in het midden een mooi monument die tot de top toe gevult is met skeletten. Hoeveel mensen er in deze oorlog is vermoord weet, door alle chaos, niemand. Schattingen komen tussen de 750.000 en de 3.000.000 mensen. De meest recente en waarschijnlijk reëelste komen op de twee miljoen. Daarnaast zijn er nog ontelbaar veel mensen dood gegaan aan ziektes. Door de slechte omstandigheden en geen ziekenhuizen (alle doctoren waren dood of gevlucht) hadden alle besmettelijke ziektes de vrije loop. Verder is het land nog steeds het land met de meeste landmijnen waaraan nog steeds onschuldige mensen en kinden dood aan gaan of ledematen verliezen. Kortom, wij hadden deze dag geleerd dat Cambodja een heel duister verleden achter de rug heeft en het is nog niet eens zo lang geleden dat de Rode Khmer volledig is ontwapend. Voor mij was dit wel weer genoeg oorlog voor een dag.

Op de terug weg kregen we voor de tweede keer deze vakantie een lekke band. De banden gaan hier namelijk eeuwig mee. Gelukkig hebben er daarom ook wel meer mensen last van lekke banden en is het ook nooit ver zoeken naar een bandenreparatie plek. Een vrouwtje van volgens mij wel 75 jaar, ging onze band plakken. Het was erg leuk om te zien hoe behendig zij onze band plakte. Na afloop, ze kon helemaal geen Engels, hield ze twee vingers op. We wisten niet of ze 2 dollar bedoelde, of 2000 real. We hadden bedacht dat 2 dollar wel erg veel was dus gaven we 2000 real (50 dollar cent), na haar veels te grote glimlach dachten we dat ze mischien zelfs maar 200 real bedoelde, nouja hebben we toch weer iemand blij gemaakt.

We hadden besloten de kerstdagen een beetje luxe en relaxed door te brengen. Daarom hadden we een bungalow gereserveerd in het kleine standdorpje Kep. Maar de ochtend dat we zouden vertrekken kostte het me opeens wel heel veel moeite om me spullen in te pakken en mijn grote tas te tillen. Helemaal uitgeput ging ik de bus is voor een 4 uur durende busreis. Nadat we als een stuiterbal in Kep waren aangekomen, moest ik onze tuktuk toch even uitstappen omdat mijn maag toch wel heel erg protesteerde. Even later konden we weer verder en gingen stopte we onderaan onze bungalow park, het laatste stukje kon de tuk tuk niet omhoog. Gelukkig was de chaufeur zo aardig om met mijn tas omhoog te lopen. Mark mocht zijn tas zelf dragen. Helemaal gesloopt kwam ik aan. Het bleek een heel leuk plaatsje te zijn, midden in de natuur, 5 min lopen van het strand. We hadden een klein maar heel gezellig bungalowtje maar ik moest eerst even naar de W.C. … ik zat zwaar aan de diaree. Mark had onze matras naar buiten verplaatst, en een muskietennet opgehangen. Terwijl in misselijk en met buikpijn in de hangmat lag. Ik heb de rest van de dag alleen nog maar geslapen. De volgende dag, eerste kerstdag was mijn situatie niet erg veranderd. Ik lag ziek op bed en Mark zorgde heel lief voor mij. Het was wel een mooie plek om uit te zieken. Ontbijt werd gratis naar je kamer gebracht, we zaten midden in de natuur, lekker fris windje en we hebben nog was mooie exotische vogels gezien. tegen zessen wou ik het wel proberen wat te eten in het restarantje. Ze hebben hier een erg mooi restaurant, in de bergen met uitzicht over de natuur en zee.

Ze hadden hier een speciaal kerstmenu met keeft. Dit zag er niet zo vullend uit dus heb ik dat maar besteld. Mark had ook keeft van de grill en ik had gepelde kreeft met een campignon-en-witte-wijn saus. Het was alletwee heel erg lekker en echt kerstdiner. Het deed mij ook erg goed en ik voelde me ook gelijk een stuk beter. We hebben mijn kreeft ook een naam gegeven: Wilbur The Christmas lobster en hebben ook een liedje voor heb bedacht, iets in de trant van “I’m Wilbur The Christmas lobster, eat me and I will take your pain away.” Met een ontzettend mooie uitzicht van een zonsondergang en ontzettend veel lol hebben we toch nog een leuke kerst gehad.

De tweede kerstdag hebben we uitgerust bij de strand. Heerlijk gezwommen (er waren nauwelijks golven) en gelegen. ’s avonds weer bij het restaurant van het hotel gegeten en hebben we een fles wijn erbij bestelt. Ook weer een geslaagde tweede kerstdag. Al moet ik eerlijk toegeven dat ik kerst bij me ouders met al mijn broers erbij ook wel een beetje miste.

Gister zijn we weer naar Phnom Pehn gegaan. We hadden van andere mensen gehoord dat iets buiten het centrum ergens bij een meer er veel leuke hotels waren, voor een erg goede prijs. Na verschillende hotels bekeken te hebben hebben we een kamer genomen voor maar 4 dollar per nacht. Met een teras aan het water, een gezellige zithoek en een klein kamertje. Daarna naar de Ambassade van Loas om een visa te regelen.

Vandaag gaan we de visa weer ophalen. Maar eerst even lang een weeshuis, omdat Mark wat kleren heeft die hij niet gebruikt. Ik ga zo ook even wat pennen en schriften kopen en wat fruit, omdat ik gelezen hebben dat ze dat ook erg goed kunnen gebruiken. Morgen gaan we naar Siem Reap, daar zit Angkor Wat, degene die dat nog niet kennen moeten maar wachten op de post van Mark volgende keer…

P.S: Ik heb nog een lijst met verschillen tussen Cambodja en Vietnam, maar dat komt de volgende keer.